Printversie

Paritair Comité Vrije Beroepen (PC 336)

In juni 2009 ging het Paritair Comité voor de Vrije Beroepen (PC 336) officieel van start. Dit Paritair Comité regelt de loons- en arbeidsvoorwaarden van bijna 33.000  werknemers van vrije beroepen. Het gaat onder meer over werknemers bij gerechtsdeurwaarders, bedrijfsrevisoren, accountants, boekhouders, landmeters-experten, dierenartsen, advocaten en architecten. De Federatie Vrije Beroepen zetelt in het PC 336 op de werkgeversbank en levert de woordvoerder, Kris Baetens.

 

Op maandag 16 oktober 2017 is het akkoord 2017-2018 voor PC336 goedgekeurd. Om het wederzijds vertrouwen tussen vakbonden en werkgeversorganisaties te bevestigen, is er een artikel over sociale vrede in opgenomen. Tijdens de duur van het akkoord zullen geen bijkomende eisen gesteld worden.

Het akkoord omvat vijf grote blokken: koopkracht, tijdskrediet, vorming en opleiding, functieclassificatie, en eindeloopbaan.

Koopkracht

Er is een loonsverhoging afgesproken voor de sectorale minimumlonen en van de effectieve maandlonen met 1,1%, met een maximum van 35 euro, ingaand vanaf 1 januari 2018. Daarenboven is er een éénmalige premie gelijk aan de 1,1% met een maximum van 35 euro voor de periode van 1 oktober 2017 – 31 december 2017, te betalen met het loon van januari 2018. Indien volgens bedrijfseigen modaliteiten al effectieve verhogingen van loon zijn toegepast in deze periorde, is dit niet van toepassing.

Tijdskrediet

De cao’s rond tijdskrediet worden verlengd. Dat geldt ook voor de clausule dat indien de (niet uitvoerende) bediende een taak uitoefent die door niemand opgevangen kan worden, het recht op tijdskrediet door de werkgever kan worden geweigerd.

Volgende vorm van tijdskrediet is er bijgekomen: tijdskrediet met motief 51 maanden voltijds of halftijds tijdskrediet met motief voor werknemers met minstens 8 jaar anciënniteit in de onderneming.

Vorming en opleiding

De werkgeversbijdrage van 0,12% (0,10% in het kader voor risicogroepen en 0,02% in het kader van vorming in het algemeen) blijft voor de komende periode.

Er wordt een onderscheid gemaakt voor ondernemingen met minstens 20 werknemers, en ondernemingen tussen 10 en 20 werknemers. Ondernemingen met minstens 20 werknemers wordt op ondernemingsvlak gemiddeld 4 dagen opleiding voorzien per voltijds equivalent voor de periode van 2017-2018; en voor ondernemingen tussen de 10 en 20 werknemers is dit 2 dagen.

Liberform, het vormingsfonds, bestaat nu twee jaar en zal de komende periode grondig geëvalueerd worden, met het oog op de versterking van de acties in het kader van een aanbod in opleiding, en een verhoging van de participatiegraad.

Binnen de schoot van het beheerscomité van Liberform zullen ook de werkzaamheden worden opgestart voor de komende cao-onderhandelingen in het kader van vorming (i.k.v. de opleidingsdagen).

Functieclassificatie

Wanneer de werkzaamheden mbt de functieclassificatie zijn afgerond zullen de werkzaamheden opgestart worden met het oog op het opstellen tegen 1/1/2019 van een sectorale minimumloonschaal. De effectieve invoering hiervan zal een onderdeel vormen van de CAO-besprekingen 2019-2020.

Eindeloopbaan (stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag)

CAO SWT vanaf 58 jaar in 2017 en vanaf 59 jaar in 2018 en lange loopbaan 40 jaar mits 10 jaar anciënniteit in de onderneming in het kader van NAR-cao 124/125 voor de periode 2017-2018.

 

Klik hier voor het sectoraal akkoord van 2017 - 2018. 

 


Hieronder kan u de vorige akkoorden raadplegen alsook de uitvoeringscao's.

 

  1. UITVOERINGSCAO'S AKKOORD 2015-2016

    pdf

    CAO Koopkracht

    pdf

    CAO Tijdskrediet 

    pdf

    CAO Vormingsfonds

  1. UITVOERINGSCAO'S AKKOORD 2013-2014

    pdf

    CAO Koopkracht

    pdf

    CAO Minimumloon

    pdf

    CAO Tijdskrediet

    pdf

    CAO Bijkomende vormingsinspanningen

    pdf

    CAO Vormingsfonds

  2. KRACHTLIJNEN AKKOORD 2013-2014
    Dit akkoord is van toepassing op de werkgevers en de werknemers die vallen onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de Vrije Beroepen (PC 336). Raadpleeg hier het protocolakkoord.

    - Koopkracht

    Voor de werknemers van de ondernemingen waarin geen regeling van loonindexering bestaat en van wie het maandloon hoger is dan het minimumloon van de sector, wordt het loon verhoogd met 2,5% op 1 december 2014, mits verrekening van effectieve verhogingen van het loon en/of van andere voordelen die in 2013-2014 op ondernemingsvlak zijn toegekend, en met een maximum van verhoging van 65 euro op maandbasis. Voor de werknemers die op 1 december 2014 geen 12 maanden anciënniteit hebben in de onderneming, wordt deze regeling toegepast de maand volgend op de dag dat de 12 maanden anciënniteit zijn bereikt. De bonussen in het kader van cao nr 90 van de NAR vallen buiten het bestek van deze afspraak, alsook de verhogingen in toepassing van de op anciënniteit/ervaring gebaseerde automatische jaarlijkse verhogingen die voortvloeien uit een op ondernemingsvlak verworven loonschaal.

    De jongerenbarema’s van de minimum maandlonen, opgenomen in de sectorale cao van 3 mei 2012 betreffende het minimum maandloon, welke overeenkomen met deze van de NAR cao nr 43, worden aangepast volgens de percentages opgenomen in de NAR-cao nr 50.

    - Tijdskrediet en landingsbanen

         a. 1/5e Tijdskrediet einde loopbaan vanaf 50 jaar mits 28 jaar loopbaan en 5 jaar anciënniteit in  
             de onderneming en dit van 01/03/2014 tot 30/06/2015.

         b. Tijdskrediet met motief - 12 maanden voltijds of halftijds tijdskrediet met motief voor
             werknemers met minstens 3 jaar anciënniteit in de onderneming bovenop het tijdskrediet
            zonder motief van 1 jaar voltijds equivalent tijdskrediet en dit van 01/03/2014 tot 30/06/2015.

         c. Tijdskrediet met motief - 24 maanden voltijds tijdskrediet met motief voor werknemers met
            minstens 5 jaar anciënniteit in de onderneming bovenop het tijdskrediet zonder motief van 1
            jaar voltijds equivalent tijdskrediet en dit van 01/03/2014 tot 30/06/2015.

    Voor niet uitvoerende bedienden en voor de bedienden die een functie uitoefenen die niet door een andere bediende in het bedrijf wordt uitgeoefend, vereist de uitoefening van het recht op tijdskrediet de goedkeuring van de werkgever.

    - Vorming en opleiding

    Sociale partners sluiten een Collectieve Arbeidsovereenkomst in uitvoering van de CAO van 14 oktober 2011 waarbij de inning van de 0,10% risicogroepen wordt verdergezet van 1 april 2014 tot 31 maart 2015. De sociale partners van de sector engageren zich om met de middelen van de 0.10% risicogroepen het bestaande sectorale opleidingsaanbod in 2014 op te starten naar zowel functiegebonden als algemene opleidingen. Deze afspraken worde gemaakt in het kader van de 5% jaarlijkse verhoging van de participatiegraad.

    - Syndicale afvaardiging

    Het onderwerp syndicale afvaardiging zal het voorwerp uitmaken van het volgende sectoroverleg in 2015-2016.

    - Verdere concretisering functieclassificatie

    Sociale partners werken verder richting een effectieve functieclassificatie voor PC336. Sociale partners trachten tegen uiterlijk april 2014 een overeenkomst te sluiten met de externe consultant.

    - Sociale Vrede

    De organisaties verbinden zich ertoe de sociale vrede te bewaren en zullen geen bijkomende eisen stellen op het niveau van het paritair comité en op het vlak van de onderneming voor de duur van dit akkoord.

    - Duur

    Dit akkoord wordt gesloten voor de duurtijd van 2 jaar van 1 januari 2013 tot 31 december 2014, behalve voor de punten waarvoor andere data zijn voorzien


  3. KRACHTLIJNEN AKKOORD 2011-2012
    Op 28 maart bereikten de sociale partners na lange en moeizame onderhandelingen een globaal akkoord voor 2011-2012. De Federatie zorgde ervoor dat er geen invoering van een automatische indexering van de lonen kwam, noch loonsverhogingen boven index (0,3%), noch een syndicale premie, noch een syndicale delegatie, noch een invoering van brugpensioen. (lees ook het persbericht hierover)

    Automatische indexering: het akkoord behoudt het onderscheid tussen ondernemingen mét en zonder automatische index. Voor zij mét een automatisch indexsysteem verandert er niets. Met betrekking tot de koopkracht zijn geen extra acties nodig. Ondernemingen zonder indexsysteem volgen een alternatief zonder indexverhoging. Op het einde van het akkoord (1 december 2012) verhogen zij de lonen met 4%, mits aftrek van alle loonsverhogingen of toegekende voordelen in 2011-2012. Ter vergelijking, de ondernemingen met een automatisch indexsysteem verhoogden de lonen voor de jaren 2011-2012 met ongeveer 5,6%. 

    Gemiddeld Minimum Maandinkomen: hier verandert er niets. Wel komt er een eigen sectorspecifieke cao.

    Vormingsfonds: met dit akkoord is ook de oprichting van een vormingsfonds een feit. Werkgevers betaalden al eerder aan het Federaal Tewerkstellingsfonds een bijdrage van 0,10%. Deze komt dus nu via het vormingsfonds in eigen beheer. Tegelijk voldoen de sociale partners met het akkoord aan de verplichting van bijkomende vormingsinspanningen. Zo vermijden ze een boete voor de werkgevers van 0,05%. Tot slot zal een werkgroep de mogelijke pistes bekijken om voor de sector een functieclassificatie op te maken. Klik hier voor meer info omtrent de boete.

    Sociale Vrede: De organisaties verbinden zich ertoe de sociale vrede te bewaren en zullen geen bijkomende eisen stellen op het niveau van het Paritair Comité en op het vlak van de onderneming voor de duur van dit akkoord.

    Duurtijd
    : 1 januari 2011 tot en met 31 december 2012

    Lees het globaal akkoord 2011-2012 
  4. KRACHTLIJNEN AKKOORD 2010
    Op 1 juli 2010 ondertekenden de sociale partners de allereerste collectieve arbeidsovereenkomst (cao). Deze kwam er na lang onderhandelen met de vakbonden. De Federatie wist een aantal belangrijke eisen uit de brand te slepen, zoals meer flexibiliteit voor werkgevers (lees ook het persbericht hierover).

    U vindt hier de grote krachtlijnen van de cao en een aantal veelgestelde vragen.

    Koopkracht: De cao voorziet geen loonsverhogingen of bijkomende voordelen voor ondernemingen die een loonindexeringsysteem volgen. Werknemers in ondernemingen zonder indexsysteem krijgen op 1 december 1% meer loon, met een maximum van 25 euro op maandbasis. Belangrijk is dat werkgevers loonsverhogingen of voordelen (zoals maaltijdcheques of ecocheques) die ze in de periode 2009-2010 toekenden, ook mogen laten meetellen.

    Gewaarborgd Minimum MaandInkomen (GMMI): Voor werknemers van 22 jaar die meer dan 24 maanden bij dezelfde onderneming in dienst zijn, komt er een bijkomend minimumloon. Op 1 december 2010 is een voorafname van de indexering van de minimumlonen met 14 euro.

    Inhaalrust overuren: De cao laat toe dat werknemers hun overuren op jaarbasis recupereren in plaats van per kwartaal. Zo krijgt de werkgever meer mogelijkheden om de arbeidsorganisatie aan te passen aan langere periodes van pieken en dalen.

    Vormingsfonds: Het akkoord verplicht de sociale partners om de oprichting van een vormingsfonds te onderzoeken.

    Sociale Vrede: De organisaties verbinden zich ertoe de sociale vrede te bewaren en zullen geen bijkomende eisen stellen op het niveau van het Paritair Comité en op het vlak van de onderneming voor de duur van dit akkoord.

    Duurtijd: 1 januari 2010 tot en met 31 december 2010 

    Veelgestelde vragen akkoord 2010

    - Zijn alle werkgevers in het vrije beroep gebonden door dit akkoord?
      antwoord
    - Moet ik bijkomende loonsverhogingen toekennen aan mijn werknemers?
      antwoord

    - Ik heb de voorbije jaren telkens een automatische indexering toegepast op de lonen van mijn 
      werknemers; geeft dit akkoord mij de kans om aan dit systeem van automatische indexering te
      ontsnappen?
      antwoord

    - Ik betaal mijn werknemers aan het minimumloon? Verandert er voor mij iets door dit akkoord? -
      antwoord
    - Mijn werknemers presteren vaak overuren; wijzigt het akkoord het systeem van de overuren? 
      antwoord
    - Mag ik dit jaar nog bijkomende verplichtingen verwachten vanuit het Paritair Comité voor de vrije
      beroepen?
      antwoord

 

Vraag-AntwoordHeeft u een vraag betreffende het paritair comité voor vrije beroepen (PC 336), neem dan een kijkje op de pagina vraag & antwoord PC 336. Geen antwoord op uw vraag gevonden, neem dan gerust contact met ons op!

 

 

 

Recent getweet
01 december
Geen geďntegreerde zorg, zonder geďntegreerde financiering. #CORTEXS