De proefperiode is terug van weggeweest voor nieuwe arbeidsovereenkomsten. De wet, dat recent door het parlementwerd goedgekeurd, voorziet dat werkgever en werknemer tijdens de eerste zes maanden van een samenwerking het contract kunnen beëindigen met een opzegtermijn van één week.
Volgens UNIZO en de Federatie Vrije Beroepen kan deze maatregel bijdragen aan een meer werkbare en wendbare arbeidsmarkt, in het bijzonder voor kleinere ondernemingen en vrije beroepen.
Meer flexibiliteit bij aanwervingen
Voor veel werkgevers blijft een aanwerving vandaag een belangrijke stap, zeker in kleinere structuren waar een verkeerde match financieel en organisatorisch zwaar kan doorwegen. De herinvoering van de proefperiode creëert opnieuw een meer haalbare instapfase waarin zowel werkgever als werknemer sneller kunnen evalueren of een samenwerking werkt.
Uit een bevraging van Liantis bij 1.000 werknemers blijkt bovendien dat de maatregel op relatief brede steun kan rekenen. Meer dan zes op de tien werknemers noemen de herinvoering van de proefperiode een goede maatregel. Ruim 70 procent geeft aan dat het systeem onnodig lange opzegtermijnen bij een mismatch kan vermijden.
Zeker relevant voor vrije beroepspraktijken
Binnen vrije beroepen, waar vaak in kleinere teams wordt gewerkt en gespecialiseerde profielen moeilijk te vinden zijn, kan bijkomende flexibiliteit een belangrijke meerwaarde betekenen.
Secretaris-generaal van de Federatie Vrije Beroepen, Philippe Van Walleghem, benadrukt het belang van een evenwichtige aanpak: