Tom, je bent net herverkozen als voorzitter van de Federatie Vrije Beroepen. Wat wil je in jouw tweede termijn anders aanpakken dan in de eerste?
Tom: Dat is meteen best een stevige vraag om mee te starten (lacht). Ik wil graag dat onze Federatie nog meer maatschappelijke impact genereert. Niet alleen richting de beleidsmakers uiteraard, maar ik wil ook dat de boodschap van onze Federatie nog meer bij de gewone man of vrouw in de straat terecht komt. Het blijft nodig om aan de mensen uit te leggen wie vrije beroepers zijn, waarom die nodig zijn en vooral waarom we ze zo hard moeten koesteren.
Vrije beroepers zijn zo divers. Is het niet meer aan de specifieke beroepsorganisaties zelf om de relevantie van hun beroep te benadrukken? Is dat een rol die onze Federatie, als gemeenschappelijke koepel, moet oppikken?
Tom: Zij moeten dat ook doen natuurlijk. Maar precies daar ligt de toegevoegde waarde van onze federatie: wij overstijgen die beroepsspecifieke belangen en springen mee in de bres als het erop aankomt. We worden meer en meer gehoord en kunnen het geluid van onze sectoren versterken. Soms helpt die afstand zelfs: wij kunnen net daardoor bepaalde standpunten innemen die moeilijker liggen voor een beroepsorganisatie zelf. Ik denk dat onze sectoren dat van ons ook verwachten.
Met de snelle opmars van artificiële intelligentie is er technologie die veel taken kan, en zal, overnemen. Aangezien wij vooral ‘intellectuele’ beroepen vertegenwoordigen, zoals onze vroegere naam FV”I”B (Federatie van Vrije Intellectuele Beroepen, nvdr.) ook doet herinneren, zullen we een metamorfose moeten ondergaan. Maar daarbij mag de specificiteit van elk vrij beroep en het menselijk aspect niet verloren gaan. We moeten daarom de man en vrouw in de straat, onze cliënten en patiënten, blijven informeren en uitleggen wat ons maatschappelijk belang is, en waarom dat voor hen ook belangrijk is. Bijvoorbeeld via een gerichte communicatiecampagne.
Peter: Je vermeldt daar belangrijke zaken, Tom. De vrije beroepers moeten we als ondernemersgroep koesteren, want ze hebben een heel unieke rol in onze maatschappij. De vennootschap van mijn eigen onderneming werd ooit op een zondagvoormiddag bij een notaris opgericht. Op dat moment voelde mijn notaris perfect aan waarom dat toen, gezien de hele context en bijhorende complexiteit, ook nodig was. Het is dat soort dienstbaarheid “met een grote D” dat veel vrije beroepers zo waardevol maakt. Een overheidsapparaat ter vervanging kan dat heel moeilijk, of zeg maar: niet, waarmaken. En bovenal: een vrije beroeper kan een patiënt of cliënt ook wars van overheidsinmenging, of andere invloeden, adviseren. Dat we het belang daarvan aan het publiek moeten blijven vertellen, zoals Tom aangeeft, volg ik dus helemaal.
Tom, heb je ooit getwijfeld om verder te doen?
Tom: Neen, eerlijk gezegd niet. Er staat momenteel een sterk team en dat maakt het eens zo aangenaam om van zo’n organisatie voorzitter te zijn. Ik had wel twijfels bij mijn eerste kandidatuur destijds. In 2022 moest ik Marieke Wyckaert opvolgen, en dat zijn toch grote schoenen om te vullen. Ik kijk wel uit naar mijn tweede periode, omdat ik het gevoel heb dat ik nu alle spelregels ken, maar het spel nog niet helemaal heb gespeeld. Drie jaar blijkt toch kort en gaat sneller dan verwacht. Ik ben ook gestart in de coronaperiode en dat was toch anders.