1. Voorzie een vast aanspreekpunt bij vergunningsverleners
In veel dossiers ontbreekt een consistente opvolging vanuit de overheid. De cluster stelt het invoeren van een ‘single point of contact’ (SPOC) voor, zodat aanvragers steeds bij dezelfde persoon terecht kunnen gedurende het vergunningsproces. Dit verhoogt de transparantie, verbetert de communicatie en voorkomt misverstanden. Antwerpen wordt genoemd als een goed werkend voorbeeld. Daarnaast zou de rol van de omgevingsambtenaar meer bemiddelend en oplossingsgericht mogen zijn, met een actieve inzet op overleg tussen betrokken partijen.
2. Beperk de wildgroei aan lokale verordeningen en bouwregels
Lokale bouwreglementen zijn volgens de cluster vandaag vaak niet afgestemd op de actuele noden op het terrein of op het Vlaamse beleid rond wonen en verdichting. Deze mismatch bemoeilijkt in veel gevallen verdichtingsprojecten, zoals bijvoorbeeld het optoppen van appartementsgebouwen. De cluster pleit voor meer afstemmen van lokale en Vlaamse regels. Zo zien ze het vastleggen van woonkwaliteitsnormen op Vlaams niveau als een belangrijke stap hierin. Daarnaast stellen we voor om ook alle lokale bouwvoorschriften verplicht digitaal beschikbaar te maken en te bundelen in een centrale, toegankelijke toepassing zoals de Omgevingscheck. Dit zou de transparantie verhogen.
De grote beleidsvrijheid van lokale besturen leidt tot een versnippering van het vergunningenbeleid. Dit werkt rechtsongelijkheid in de hand en bemoeilijkt de realisatie van overkoepelende doelstellingen zoals de bouwshift. De cluster vraagt om meer centrale sturing vanuit Vlaanderen, met duidelijke kaders die lokale besturen richting geven. Een gedeeld beleid is noodzakelijk om tot coherente oplossingen te komen.
3. Zorg voor proportionele aanvraagvereisten
De vereisten voor een vergunningsaanvraag zijn vaak disproportioneel in verhouding tot de fase of schaal van het project. Infiltratieproeven, archeologienota’s, langdurige monitoring van het grondwaterpeil en andere technische studies worden soms al in een vroege fase gevraagd, terwijl de noodzaak ervan pas later relevant is. Deze vereisten brengen hoge kosten met zich mee en zorgen voor vertraging. Gemeenten vragen bovendien vaak bijkomende documenten die niet eens wettelijk verplicht zijn. We vragen om een kritische evaluatie van de proportionaliteit van deze vereisten, zodat de administratieve lasten in verhouding blijven tot de complexiteit van het dossier.
Bovendien mogen burgers verwachten dat bepaalde technische of juridische kennis bij de overheid aanwezig is. In de praktijk blijkt echter dat veel informatie alsnog door de burger of aanvrager moet worden aangeleverd, wat leidt tot frustratie en onduidelijkheid. We pleiten voor een duidelijke afbakening van de verantwoordelijkheden: welke kennis mag verwacht worden van de overheid, en wat moet de aanvrager zelf aanleveren?
4. Verminder de complexiteit van sectorale regelgeving
Ook de toenemende complexiteit van sectorale regelgeving leidt tot verwarring, uiteenlopende interpretaties en vertraging in procedures. Regelgeving verschilt vaak per locatie en is niet altijd eenduidig toepasbaar. Deze complexiteit ondermijnt de robuustheid van vergunningen. De cluster wil graag meer richting doelregels evolueren. De overregulering is bijzonder hoog bij vergunningstrajecten.
5. Schaf de devolutieve werking van het administratief beroep af
Na een administratief beroep tegen een vergunningsbeslissing, behandelt de overheid in beroep (deputatie, of minister) het dossier opnieuw in haar totaliteit, los van de beroepsargumenten die opgeworpen worden. Deze devolutieve werking van het administratieve beroep wil de cluster graag zien verdwijnen. De focus op de beroepsgrieven zou moeten volstaan.
6. Versnel de behandeling van juridische beroepsprocedures
De huidige doorlooptijd voor beroepen tegen vergunningen, in het bijzonder bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, is volgens de Cluster nog steeds te lang. Een snellere en efficiëntere afhandeling is volgens haar noodzakelijk om de juridische onzekerheid te beperken.
Tegelijk moeten we ervoor waken dat versnelling niet leidt tot kwaliteitsverlies in de initiële vergunningsaanvraag. Het is belangrijk om het evenwicht te bewaren tussen snelheid en zorgvuldigheid.
7. Zorg voor duidelijkheid over grenzen en rooilijnen
Eigendomsgrenzen en rooilijnen zijn vaak onvoldoende duidelijk of inconsistent weergegeven. Dit veroorzaakt frequente discussies tijdens vergunningsprocedures. De digitale kadastrale plannen zijn niet altijd accuraat, waardoor conflicten ontstaan over perceelgrenzen. Een duidelijke en eenduidige databank van rooilijnen en eigendomsgrenzen is essentieel voor een rechtszekere vergunningverlening.
8. Versterk de rechtszekerheid van verkavelingsvergunningen
Als de verkavelingsvergunning blijft bestaan, moet die ook voldoende zekerheid bieden dat een perceel effectief bebouwbaar is. In de praktijk blijkt dit vandaag onvoldoende gegarandeerd. De cluster pleit daarom voor een herziening van de verkavelingsplicht, waarbij de rechtszekerheid voor bouwheren wordt versterkt.